Een herverzekeringscontract waarbij de cedent de optie heeft een risico wel of niet te cederen, uiteraard onder toepassing van de in het herverzekeringscontract overeengekomen limieten en condities, maar de herverzekeraar de plicht heeft het gecedeerde risico te accepteren. Een dergelijk herverzekeringscontract wordt ook wel optional treaty genoemd. ~ Zie ook: Cedent.
Facultatief semi-obligatoire herverzekering
Een herverzekeringscontract waarbij de cedent de optie heeft een risico wel of niet te cederen, uiteraard onder toepassing van de in het herverzekeringscontract overeengekomen limieten en condities, maar de herverzekeraar de plicht heeft het gecedeerde risico te accepteren. Een dergelijk herverzekeringscontract wordt ook wel optional treaty genoemd.~ Zie ook: Cedent.
Facultatieve herverzekering
Een herverzekeringscontract dat vergelijkbaar is met facultatief semi-obligatoire herverzekering. Met dit verschil dat de herverzekeraar het recht heeft het aangeboden risico onder het contract te accepteren dan wel af te wijzen. Een dergelijk herverzekeringscontract wordt ook wel aangeduid met de Engelse term facultative reinsurance. ~ Zie ook: Semi-obligatoire herverzekering.
Faillissementscurator
De door de rechtbank benoemde persoon die een faillissement moet afwikkelen. In geval van faillissement van de verzekeringnemer krijgt een verzekeraar en/of een verzekeringstussenpersoon met de faillissementscurator te maken. Op grond van de jurisprudentie moet een verzekeraar desgevraagd aan de curator opening van zaken geven omtrent verzekeringen van een gefailleerde. De vraag of deze verzekeringen moeten blijven doorlopen dan wel dienen te worden beëindigd mag uitsluitend door de curator worden beantwoord. Nog openstaande premies kunnen doorgaans als concurrente vorderingen worden aangemeld. Indien de curator tot voortzetting van de verzekeringen besluit, wordt de premie in ieder geval deels boedelschuld en zal de curator dienen te zorgen voor premiebetaling. Zo de polisbepalingen daartoe ruimte bieden, zou een verzekeraar (niet de tussenpersoon!) tot royement kunnen besluiten, uiteraard met bericht aan de curator. ~ Zie ook: Premiebetaling, Schorsing.
Fair chance-premie
Uitkomst van een premieberekening zonder rekening te houden met slecht schadeverloop. Wordt wel toegepast als een schip van eigenaar verwisselt. ~ Zie ook: Joint Hull Understanding.
FAS
Free alongside ship
Faulty design clause
Een bij aanbouwverzekering, in het bijzonder de aanbouwverzekering van schepen, gebruikelijke clausule waarin verzekeraars aansprakelijkheid uitsluiten voor schade ontstaan en kosten gemaakt bij het verbeteren van een fout in het ontwerp. Schade die een gevolg is van een fout in het ontwerp komt op grond van deze clausule wel voor rekening van de verzekeraar, maar de bij de reparatie daarvan tegelijkertijd uitgevoerde verandering of verbetering van het ontwerp valt buiten de vergoedingsplicht van de verzekeraar. ~ Zie ook: Aanbouwverzekering, Garantieverzekering.
Faulty workmanship
Zie: Defective workmanship.
FC&S
Free of capture and seizure
FCA
Free carrier
Feitelijke handeling
Een handeling zonder beoogd rechtsgevolg. ~ Zie ook: Rechtshandeling.
FENEX-voorwaarden
Expediteurs (zij die in opdracht van ladingbelanghebbenden doen vervoeren) werken volgens de door de FENEX gedeponeerde Nederlandse Expeditievoorwaarden. Deze zogenaamde FENEX-voorwaarden dienen te worden overeengekomen door de expediteur en de opdrachtgever. De thans toepasselijke voorwaarden zijn de op 15 november 1995 gedeponeerde Nederlandse opslagvoorwaarden en Voorwaarden voor logistieke activiteiten en de op 1 juli 2004 gedeponeerde Nederlandse expeditievoorwaarden. Deze voorwaarden bevatten onder meer aansprakelijkheidsbeperkingen. Transportverzekeraars die een schade hebben vergoed, worden daardoor in zekere mate beperkt in hun eventuele verhaalsrecht. ~ Zie ook: Exoneratieclausule, Expediteursaansprakelijkheidsverzekering.
FIA
Full interest admitted ~ Zie ook: Policy proof of interest.
fico
Financieel conglomeraat
Filatelistenverzekering
Speciale verzekeringsvorm voor postzegelverzamelaars. Hierop is de verzameling ten huize van de verzekerde gedekt, maar ook delen daarvan tijdens overbrengen naar/van en verblijf op tentoonstellingen, alsmede tijdens het rondzenden langs en verblijf bij andere verzamelaars. De verzekering geschiedt op zogenaamde all-riskscondities. Als verzekerde waarde geldt de vervangingswaarde, die voor zeer zeldzame stukken door een deskundige moet worden getaxeerd. Het verzekerde bedrag wordt doorgaans bepaald op een bepaald percentage van de cataloguswaarde; bij schadeclaims wordt datzelfde percentage als maatstaf gehanteerd. In verband met waardefluctuaties past men wel eens een overdekking toe van 10 à 25%. ~ Zie ook: Postzegelclausule.
Final pay system
Eindsalarissysteem. ~ Zie ook: Pensioengrondslag.
Finale kwijting
Kwitantie waarin wordt getekend voor een algehele en definitieve (schade)regeling c.q. betaling. Mochten er achteraf feiten of omstandigheden aan het licht komen die een heropening van de zaak wettigen, dan kan een finale kwijting soms toch worden opengebroken.
Financieel conglomeraat
Een in art. 3:290 van de Wet op het financieel toezicht (Wft) gedefinieerd begrip, t.w. een groep die voldoet aan de volgende voorwaarden:
a. aan het hoofd van de groep staat
1°. een gereglementeerde entiteit met zetel in een lidstaat, die is:
– een moederonderneming van een onderneming in de financiële marktsector;
– een houder van een deelneming in een onderneming in de financiële marktsector; of
– verbonden met een onderneming in de financiële marktsector door een centrale leiding of door het feit dat in meerderheid dezelfde personen deel uitmaken van de bestuurs-, leidinggevende of toezichthoudende organen gedurende het boekjaar; of
2°. een onderneming die niet een gereglementeerde entiteit is, in welk geval het balanstotaal van de ondernemingen in de financiële marktsector meer bedraagt dan veertig procent van het balanstotaal van de groep als geheel;
b. ten minste een van de gereglementeerde entiteiten in de groep behoort tot de sector kredietinstellingen en beleggingsondernemingen, en ten minste een van de gereglementeerde entiteiten in de groep behoort tot de sector verzekeraars;
c. voor elke deelsector in de groep geldt dat het gemiddelde van het verhoudingsgetal tussen het balanstotaal van die deelsector en het balanstotaal van de financiële marktsector enerzijds, en het verhoudingsgetal tussen het benodigde kapitaal uit hoofde van de solvabiliteitsvereisten van die deelsector en het totaal benodigde kapitaal uit hoofde van de solvabiliteitsvereisten van de financiële marktsector anderzijds, groter is dan tien procent.
Financieel plan
Een door een financiële planner na inventarisatie en analyse van de behoeften, wensen en verlangens van een consument en van diens financiële positie en vooruitzichten opgesteld plan. Hierin wordt aangegeven óf en, zo ja, op welke wijze deze met de beschikbare financiële middelen en met gebruikmaking van financiële producten, fiscale en juridische regelingen een optimale invulling kan geven aan het realiseren van financiële doelstellingen. ~ Zie ook: Financieel product, Financiële planner.
Financieel product
Een in art. 1:1 van de Wet op het financieel toezicht (Wft) gedefinieerd begrip: een beleggingsobject, een betaalrekening met inbegrip van de daaraan verbonden betaalfaciliteiten, elektronisch geld, een financieel instrument, krediet, een spaarrekening met inbegrip van de daaraan verbonden spaarfaciliteiten, een verzekering, een bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen ander financieel product.
~ Zie ook: Complex product, Eenvoudig product, Impactvol product, Verzekering.
Financiële dienst
Een in art. 1:1 van de Wet op het financieel toezicht (Wft) gedefinieerd begrip: aanbieden, adviseren, bemiddelen, herverzekeringsbemiddelen, optreden als clearinginstelling, optreden als gevolmachtigd agent of als ondergevolmachtigd agent, het verlenen van een beleggingsdienst.
~ Zie ook: Aanbieden, Adviseren, Bemiddelen, Financieel product, Financiëledienstverlener, Gevolmachtigd agent, Herverzekeringsbemiddelen, Ondergevolmachtigd agent.
Financiële onderneming
Een in art. 1:1 van de Wet op het financieel toezicht (Wft) gedefinieerd begrip: een beheerder, een beleggingsinstelling, een beleggingsonderneming, een bewaarder, een clearinginstelling, een financiëledienstverlener, een financiële instelling, een kredietinstelling of een verzekeraar.
~ Zie ook: Verzekeraar.
Financiële planner
Een deskundige die in opdracht van een consument een financieel plan maakt. Indien hij bemiddelt bij het tot stand brengen van de door hem geadviseerde verzekeringen is hij met betrekking tot die verzekeringen een bemiddelaar in de zin van de Wet op het financieel toezicht (Wft). Beperkt zijn activiteit zich tot het adviseren van bepaalde producten dan is hij een adviseur in de zin van deze wet.
~ Zie ook: Adviseur, Bemiddelaar, Financieel plan.
Financiële planning
Het proces dat leidt tot het voorbereiden, het opstellen en het uitvoeren van een gestructureerd financieel plan voor en in opdracht van een consument. Dit proces voltrekt zich in drie fasen. De eerste fase bestaat uit een analyse van de persoonlijke financiële positie en de doelstellingen van de consument. In de tweede fase wordt diens risicoprofiel bepaald, worden de doelstellingen geformuleerd en een projectie naar de toekomst gemaakt. De derde fase bestaat uit het uitbrengen van een advies in de vorm van een financieel plan en een grondige bespreking van de geadviseerde oplossingen en/of financiële producten. ~ Zie ook: Advies, Financieel plan, Opdracht.